Beleef
Ons Museum
In de schatkamer van de scheepvaart
WELKOM
Thema's
Tot het begin van de 20ste eeuw was Maasbracht een klein boerendorpje aan de Maas dat in de Maasvaart tot dan toe geen enkele rol had gespeeld. De ontwikkeling kwam op gang door de kolenwinning in Zuid-Limburg, de aanleg van het Julianakanaal, het schepenkerkhof en de grindwinning. Op deze pagina worden deze onderwerpen besproken en in het museum komen deze natuurlijk ruim aan bod.
Brengt de ontwikkeling in Maasbracht op gang
Kolentip
In 1902 werden de staatsmijnen opgericht om vier jaar later de eerste steenkolen te produceren. In Maastricht was al een kolenlaadplaats (tip) aan de oever van de Zuid-Willemsvaart. Bij de afvoer naar het noorden passeerde een schip twee keer de Belgische grens en dat zorgde voor veel vertraging. De route via de Maas was onbetrouwbaar en door de toenemende productie van kolen werd de afvoer van de kolen steeds problematischer. Na een jarenlange discussie besloot de overheid tot de aanleg van het Julianakanaal en een tijdelijke kolenlaadplaats in Maasbracht.
De aanleg van het Julianakanaal duurde van 1925 tot en met 1935. Door het Duitse bedrijf Demag uit Duisburg werd de installatie van de kolentip geleverd voor Fl. 118.600,00, exclusief de betonnen onderbouw. De onderbouw is uitgevoerd door de firma Den Breejen voor Fl. 25.700,00. Er werd een spoorlijn aangelegd tussen Maasbracht en Echt om de aanvoer van kolen per trein vanuit de wingebieden mogelijk te maken. De eerste kolen werden in december 1928 overgeslagen en een half jaar later was de 'Tip' vol in bedrijf. In 1930 werden er 544.667 ton kolen verladen en in 1931 was dat 839.937 ton. Na de opening van het Julianakanaal en een kolenoverslaghaven in Born werd op 12 juni 1935 de Kolentip in Maasbracht gesloten.
De Kolentip zorgde voor werkgelegenheid in Maasbracht, dat later verder groeide door de opening van het Julianakanaal. Op de onderbouw van de voormalige Kolentip is nu een restaurant gevestigd. In het museum is aan de Kolentip uitgebreid aandacht gegeven.
Met drielingsluis in Maasbracht
Julianakanaal
Het Julianakanaal is gebouwd tussen 1925 en 1935. In 1965 is het kanaal gemoderniseerd door de bouw van nieuwe sluizen en het verdwijnen van de sluis in Roosteren, waardoor de nieuwe drielingsluis in Maasbracht sindsdien de sluis met het hoogste verval van Nederland is, namelijk 12 meter. Vanwege dit grote verval en de gigantische sluisdeuren is het schutten altijd weer een spectaculair gezicht evenals het zien manoeuvreren van de steeds groter wordende schepen. Inmiddels is één van de sluizen verlengd en geschikt gemaakt voor tweebaks-duwvaart.
Als je op deze drielingsluis staat heb je een prachtig uitzicht over de haven en de activiteiten op het water. Bij goed weer kun je heel ver kijken en dat is zeker een fotomoment waard. De drielingsluis is een trekpleister voor toeristen geworden. In het museum wordt uitgebreid aandacht besteed aan de bouw van het Julianakanaal en de sluizen.
De grootste scheepsramp uit de geschiedenis
Het schepenkerkhof
Op 29 september 1944 deelde de bezetter aan de binnenvaartschippers in Maasbracht mede dat hun schip de volgende dag tot zinken zou worden gebracht. Er lagen circa 240 binnenvaartschepen in de haven en de schippers waren met hun gezinnen genoodzaakt hun schip te verlaten. De meeste gezinnen hadden op diezelfde dag nog onderdak gekregen bij de plaatselijke bevolking. Maasbracht telde in die tijd 2500 inwoners en ineens kreeg men er ruim 1000 bij.
Op 30 september 1944 verscheen het Sprengcommando van de Duitsers aan de haven. De bezetters plaatsten staven dynamiet tussen de schepen en brachten die tot ontploffing. Enkele schippers hadden hun schip al zelf laten zinken. Een aantal schepen was al met het achterschip tegen de oever gelegd zodat de woning niet onder water kwam. Schepen zonken in de haven en de schippers waren hun woning, hun bezit en hun werk kwijt!
Na de bevrijding werden door de bedrijven S. Houben en Th. Veltman alsmede door de schippers zelf, schepen boven water gehaald en provisorisch gerepareerd om vervolgens naar scheepswerven te varen om de schepen weer vaarklaar te maken. Dit heeft ervoor gezorgd dat in Maasbracht reparatiebedrijven voor schepen ontstonden die er heden ten dage nog zijn. In het museum wordt aan dit onderwerp uitgebreid aandacht besteed.
Een nieuwe impuls
Zand en grind
De grindwinning aan de Maas begon al in de 19e eeuw. De baggermolens werden in de begintijd aangedreven door stoommachines die later werden vervangen door dieselmotoren. De winning van grind was van belang voor de bouw van wegen, gebouwen en kunstwerken zoals bruggen.
Na de Tweede Wereldoorlog was er, in verband met de wederopbouw van het land, grote behoefte aan bouwstoffen. Op zeker moment lagen er in Midden-Limburg zo’n 20 baggermolens dagelijks te baggeren. Door deze baggerwerken ontstonden wateren van in totaal 30 km2 die we nu kennen als de Maasplassen. Na 1990 is de grindwinning afgebouwd, al wordt er nog op enkele plaatsen kleinschalig grind gedolven.
Na de overstromingen in 1993 en 1995 ontstonden er plannen om meer ruimte voor de rivier te creëren. Het waterbergend vermogen van de Maas inclusief de uiterwaarden werd vergroot en kades werden aangelegd of verhoogd. Dit werd betaald met de opbrengsten van het grind. In het museum is in de kelder een tentoonstelling te bezichtigen die het verhaal van de grindwinning uitgebreid vertelt. Tevens worden er archeologische vondsten getoond die bij de grindwinning zijn gevonden.
Op de Maasplassen en in de jachthavens
Recreatie
Door de zand- en grindwinning ontstonden grote wateroppervlakten (ongeveer 30 km2) in met name Midden-Limburg. Een deel hiervan werd gedempt, een deel teruggegeven aan de natuur en een deel werd gebruikt voor de ontwikkeling van de recreatie. Inmiddels zijn er grote jachthavens ontstaan en namen als Marina Oolderhuuske, Hatenboer, de Rosslag, om er maar een paar te noemen, spreken tot de verbeelding. Er zijn dagstranden en surfstranden ontwikkeld en ook een waterskibaan is beschikbaar. Er zijn winterbergingen voor pleziervaartuigen en reparatiebedrijven gevestigd. Grote evenementen zoals muziekfestival Solar weten de Maasplassen te vinden. Heden ten dage zijn de Maasplassen een economische factor van betekenis.
Bezoek ons museum
Havenstraat 12, 6051 CR Maasbracht
E-mail: info@maas-binnenvaartmuseum.nl
Contact en Rondleidingen
Telefoon: 0031 - 475 465 873